zaterdag 23 juni 2012

The Black Crowes - Before The Frost... Until The Freeze (2009)


The Black Crowes kiezen op "Before The Frost... Until The Freeze" voor een bijzondere aanpak. Gedurende vijf avonden werden nieuwe nummers live gespeeld en opgenomen voor een klein publiek. Dus geen studiobewerkingen of andere rare fratsen. Er wordt geen oud materiaal gespeeld, maar uitsluitend nieuwe composities.  Hierdoor krijgt "Before The Frost... Until The Freeze" de sfeer van een intiem concert. De nummers zijn opgenomen in de Levon Helm studios in Woodstock, New York. Terugkijkend is dit extra speciaal, aangezien de gelijknamige drummer en zanger van The Band eerder dit jaar overleed. 




Zanger Chris Robinson verwoorde het als volgt: “I think we fulfilled a musical commitment to continue on the golden road of artistic independence. Approaching 20 years into our careers, we still are ambitious enough to push ourselves to create something unique that we have never done before.


De gekozen aanpak van The Black Crowes komt inspirerend over. De nummers zijn goed gestructureerd. Toch klinkt het allemaal losjes, nergens geforceerd en altijd die kenmerkende Black Crowes groove. De refreinen zijn catchy, de solo's meeslepend, de ene keer rockend, de andere keer ingetogen. Tevens weten The Black Crowes een heerlijke laid-back en easy-going ambiance te creeëren.


Met "Before the Frost... Until The Freeze" keren The Black Crowes wat mij betreft terug naar het niveau van hun eerste drie a vier platen. Zoals ik hier al eerder heb betoogd is de muziek doordrengt met een blues en soul sausje. Met de toevoeging van lead gitarist Luther Dickinson (van o.a. North Mississippi Allstars) gaan de Crowes er zeker niet op achteruit. In 2008 en 2009 heb ik de band live mogen aanschouwen in de HMH en Luther steelt de show met zijn mooie gitaarspel. Uiteraard levert Rich Robinson met zijn aanstekelijke riffs nog steeds de basis. Er is wel een beetje een vreemde eend in de bijt, en dat is het disco-achtige nummer "I Ain't Hiding". Toegegeven het nummer swingt en de gitaarsolo is mooi, maar het past a) niet bij The Black Crowes en b) het is ook een sterk contrast met de rest van de nummers op deze plaat. Daarentegen bestaat de rest van de plaat uit bijna alleen maar hoogtepunten, maar wat mij betreft zijn "Been a Long Time (Waiting on Love) en de ballad "The Last Place That Love Lives" mijn favorieten. De eerste om het geweldige instrumentale stuk aan het einde, met een hoofdrol voor Luther. De tweede om zijn eenvoud en ingetogenheid, maar zo oprecht. 


De bonus cd (download) "...Until the Freeze" is meer dan de moeite waard, maar is meer country georiënteerd, en heel stiekem misschien nog wel mooier. Als je de LP koopt zijn beide albums in een ander volgorde geplaatst, waardoor "Before The Frost... Until The Freeze" een mooi samenhangend geheel vormt.

woensdag 20 juni 2012

Robert Johnson - King of the Delta Blues Singers (1961)

Robert Johnson is niet de uitvinder van de blues, maar zijn invloeden zijn onmiskenbaar en hij is wel verantwoordelijk voor de vorm die de blues uiteindelijk heeft gekregen. Johnson presteerde het door delta blues te mengen met andere bluesstijlen, waardoor hij een voorbeeld werd voor vele blueszangers- en gitaristen. Dit is des te opmerkelijker, omdat Johnson slechts 27 jaar oud werd en een beperkt aantal nummers (zo'n twingtigtal) heeft nagelaten in maar twee opnamesessies. Zijn levensverhaal is omgeven met mystiek en dat draagt bij aan zijn legendarische status.




Johnson wordt geboren op 8 mei 1911 als Robert Leroy Johnson te Hazlehurst in de staat Mississippi van de Verenigde Staten. Net als vele met hem bracht hij een groot deel van zijn leven door op een plantage. Daar leerde Johnson de bluesharmonica spelen. Maar het was zijn grote wens om gitaar te leren spelen. Dit laatste lukte hem in zeer korte tijd. Deze prestatie is de basis van het mythische verhaal dat Robert Johnson zijn ziel zou hebben verkocht aan de duivel in ruil voor het beheersen van de gitaar. Het verhaal gaat dat Johnson naar een kruispunt zou zijn gegaan om daar gitaar te spelen. Om middernacht zou hij zijn benaderd door een grote donkere man die Johnson zijn gitaar afpakte, hem stemde, en het in ruil voor zijn ziel teruggaf, waarna hij perfect zou kunnen gitaarspelen. De betreffende man zou de duivel zijn. Dit verhaal is voor eeuwig vastgelegd in "Cross Road Blues", zoals die ook is te vinden op "King of the Delta Blues Singers".

Robert Johnson's erfenis is het gevolg van twee opnamesessies uit 1936 en 1937. "King of the Delta Blues Singers" bevat een compilatie van die opnamen. Van de zestien tracks stammen er twaalf uit 1936. De overige vier komen uit de tweede opnamesessie uit 1937. Naast "Cross Road Blues" zijn er nog twee andere tracks die verwijzen naar het verhaal over de duivel en het verkopen van zijn ziel. De tracks "Me and the Devil Blues" en "Hell Hound on My Trail" zorgden ervoor dat Johnson de banvloek kreeg van de Kerk, vanwege het aangaan van een pact met de duivel in ruil voor talent.

"King of the Delta Blues Singers" is misschien wel de meest pure, rauwe en tegelijkertijd meest intense en angstaanjagendste blues die ik heb gehoord. Enerzijds sleurt Johnson je mee naar de Mississippi Delta waar hij je een inkijkje geeft in het erbarmelijke leven van de zwarte man in een door blanken gedomineerde maatschappij. Daarnaast weet Johnson te provoceren door tegen de gevestigde orde te schoppen (de Kerk) en is hij zich zeer bewust van de legende die hij is. Zijn gitaartechniek is moeilijk uit te leggen. Op de een of andere manier creeërt hij in zijn eentje ritmische doorrollende gitaarpatronen. Eric Clapton heeft ooit verklaard dat hij in zijn eentje niet het geluid van Johnson kan reproduceren. Hij heeft daar altijd een tweede gitarist voor nodig, aldus Slowhand zelf. Dit geeft wel aan hoe uniek en complex het gitaarspel van Johnson moet zijn, ook al klinkt dat op het eerste oor niet direct zo. Speelt hier dan toch een duivelse invloed een rol?

Robert Johnson sterft op 27 jarige leeftijd op 16 augustus 1938 in Three Forks, Mississippi. Ook zijn dood is uitermate dubieus. Hij zou na een van zijn optredens whiskey hebben gedronken die zou zijn vergiftigd door een jaloerse echtgenoot van een van zijn scharrels (Johnson was wat dat betreft geen heilig man). Zijn muziek, het verhaal erachter en alle omstandigheden tezamen maken Robert Johnson een historische, spannende en mysterieuze man. Los van dat alles blijft het een feit dat Johnson de vormgever is van de blues en daarmee medeverantwoordelijk is voor hoe de hedendaagse muziek vorm heeft gekregen. Iedere keer als ik een nieuwe hype hoor in muziekland, dan luister ik naar "King of the Delta Blues Singers" en wordt alles in een klap weer in perspectief geplaatst.

zondag 20 mei 2012

Albert King - Born Under a Bad Sign (1967)

Het album "Born Under a Bad Sign" van Albert King zal de geschiedenis ingaan als een mijlpaal in de bluesmuziek. Alom wordt dit album beschouwd als de introductie van de blues bij een breder publiek. De blues wordt toegankelijk en blijft niet meer hangen in obscuriteit. Kortom: "Born Under a Bad Sign" is de eerste stap naar de moderne blues. Daarnaast wordt op dit album een cross-over geïntroduceerd tussen blues en soul. Mede door het feit dat Booker T. & The MG's als begeleidingsband van Albert King fungeren. Deze band was destijds de huisband van het legendarische soullabel Stax.



Albert King is een opvallende verschijning. Een grote donkere man, vaak gekleed in een driedelig kostuum. Hij rookt de pijp, ook tijdens het spelen en hij hanteert een Gibson Flying V gitaar. Vrij opvallend voor het genre. Nog een opvallend detail is dat Albert King linkshandig is, en dat zijn snaren zo op de gitaar zijn geplaatst alsof je een rechtshandige gitaar hebt omgedraaid, dus de dikke snaren onder en de dunne snaren boven (precies andersom dan gebruikelijk). Ik krijg de indruk dat deze manier van spelen hem een specifiek geluid meegeeft. Artiesten als Eric Clapton, Stevie Ray Vaughan en Jimi Hendrix hebben verklaard beïnvloedt te zijn door het spel van Albert King.

"Born Under a Bad Sign" bevat ten minste vier moderne bluesklassiekers te weten het gelijknamige titelnummer (Cream heeft dit nummer mede groot gemaakt), "Oh Pretty Woman" (zeer verdienstelijk gecoverd door Gary Moore), "The Hunter" en "Crosscut Saw". Als je daarbij de tracks "Personal Manager" en "Laundromat Blues" aan toevoegt heb je de muzikale identiteit en erfenis van Albert King te pakken.

In de jaren 60 heeft Albert King vele opnames gemaakt, maar ze sloegen nooit echt aan. Des te opvallender is het dat juist een album als "Born Under a Bad Sign" zo'n grote invloed heeft gehad en dat deze plaat is opgenomen in de Blues Hall of Fame als "Classic of Blues Recordings". De sleutel tot dit succes ligt hem volgens mij in de combinatie tussen Albert King en Stax en dan de begeleidingsband op deze plaat in het bijzonder. Alle songs op deze plaat zijn raak, de instrumentatie is rijk (ook doordat de blazers sectie "The Memphis Horns" op deze plaat meespeelt), Albert King speelt dynamisch en de zuidelijke funk en soul van Booker T. & the MG's maken het plaatje compleet. "Born Under a Bad Sign" is de perfectie introductie tot de blues en ik ben er bijna van overtuigd dat het je niet meer los zal laten.


woensdag 25 april 2012

Johnny Winter - The Progressive Blues Experiment (1968)

Johnny Winter is een opvallende verschijning. Hij is geboren met albinisme, waardoor zijn bleke huid en witte haren onmiskenbaar zijn. Los hiervan is Winter een levende legende. Hij heeft meerdere Grammy's gewonnen, is opgenomen in de blues hall of fame en staat bekend als een van de honderd beste gitaristen allertijden. Voor mij is Winter de grondlegger van de bluesrock. Middels zijn fantastische plaat "The Progressive Blues Experiment" zette hij de standaard voor alles wat het bluesrock genre daarna te bieden had.



Op deze revolutionaire plaat combineert Winter blues met rock tot een aanstekelijke en energieke mix. Winter speelt fantastisch gitaar. Het is overduidelijk blues, maar hij voegt er iets extra's aan toe. Wat dat dan is, is moeilijk uit te leggen. Zijn gitaartonen pakken je direct bij je keel en sleuren je mee gedurende de hele plaat. Het laat je niet meer los. Alle bekende blueslicks komen voorbij; smaakvol, fel, venijnig, scheurend, hard, zacht. Hij zet de meeste covers op deze plaat gemakkelijk naar zijn hand. Winter blijft het origineel respecteren, maar overgiet het geheel met een flinke dosis adrenaline.

De plaat is live opgenomen, en die dynamiek en energie hoor je terug op de plaat. Winter wordt hier begeleid door Uncle John Turner op drums en percussie, en Tommy Shannon op bas. Deze laatste zou later deel gaan uitmaken van het legendarische begeleidingsduo van Stevie Ray Vaughan, Double Trouble. Naast het spelen van gitaar, neemt Winter ook de zang voor zijn rekening. Is Johnny Winter een goede zanger? Nee eigenlijk niet. Is dat erg? Wederom is het antwoord nee. Alle aandacht op deze plaat gaat uit naar het fenomenale spel van Winter op de zes snaren.

Hoogtepunten op deze plaat zijn "It's Your Own Fault" van B.B. King en het groovende, swingende en meeslepende "Tribute to Muddy", waarin Johnny Winter zijn grote held en voorbeeld Muddy Waters eert. "The Progressive Blues Experiment" is een rauwe rockende bluesplaat, waarop zeker voor die tijd afgeweken wordt van de vereffende bluespaden. Hier refereert de titel ook aan. Ook waren voor mij de eerste paar luisterbeurten best lastig, maar op een gegeven moment vallen alle puzzelstukjes op zijn plaats. Het paste zelfs zo goed, dat de "The Progressive Blues Experiment" een plekje heeft verworven in mijn persoonlijke top 10.